Eetexpert

Kenniscentrum voor
eet- en gewichtsproblemen

Professionals login

Wachtwoord vergeten? Nu registreren?

Behandeling: visie

ALGEMENE PRINCIPES 

Visie op preventie en aanpak van eet- en gewichtsproblemen 

 

  • Communicatie rond eten en gewicht dient doordacht te gebeuren om stigmatisering van eet- en gewichtsproblemen te vermijden.
  • Eet- en gewichtsproblemen vragen om een integrale aanpak vertrekkende vanuit het biopsychosociaal model. Verkenning van voeding, beweging, somatisch en psychosociaal functioneren is nodig, en de behandeling is multidisciplinair.
  • Zorgaanbod volgens het model van stepped-care: invoegen van meer intensiteit in het zorgaanbod naarmate de problematiek ernstiger is.
  • Continuïteit van zorg: voor duurzame resultaten is een aanpak en opvolging op lange termijn noodzakelijk.
  • Hulpverlening richt zich op preventie en behandeling van eet- en gewichtsproblemen tegelijk omdat deze nauw met elkaar verbonden zijn. Hierbij geldt een "do not harm" benadering. 
  • De aanpak van overgewicht en obesitas richt zich prioritair op leefstijlverandering (met gezondheidsvoordelen en gewichtsreductie als gevolg). De focus ligt daarbij op het bevorderen van de gezondheid en niet op het bereiken van een schoonheidsideaal. 
  • De aanpak van eetstoornissen richt zich zowel op herstel van eetpatroon en gewicht als op psychosociale doelstellingen.
  • De hulpverlener houdt rekening met de ICE (Ideas, Concerns & Expectancies) van de patiënt.
  • De hulpverlener hanteert een niet-beschuldigende, respectvolle en empathische houding.
  • De hulpverlener past zich aan de motivatiefase van de patiënt aan, en speelt in op de nood aan autonomie, competentie en verbondenheid van de patiënt.

 

Literatuur

Daníelsdóttir, S., Burgard D., & Oliver-Pyatt, W. (2009). Guidelines for childhood obesity prevention programs [Online]. Available: www.aedweb.org

Debray, L. & Vandeputte, A. (2013). Communiceren over gewicht en leefstijl. Tips ter preventie van overgewicht én eetstoornissen. Nutrinews4, 3-7.  

Levine, M., Piran, N., & Jasper, K. (2015) Eating disorders, in T.P. Gullotta et al. (eds.), Handbook of Adolescent Behavioral Problems: Evidence-Based Approaches to Prevention and Treatment (pp. 305-328). New York, Springer Science+Business Media.

Miller, W., & Rollnick, S. (2014). Motiverende gespreksvoering. Mensen helpen veranderen. Derde editie. Ekklesia. 

National Eating Disorders Collaboration (2011). Evaluating the risk of harm of weight-related public Messages. NEDC, Australië. 

National Institute for Clinical Excellence (2004). Eating disorders: Core interventions in the treatment and management of anorexia nervosa, bulimia nervosa and related eating disorders. UK, NICE.

National Institute for Health and Care Excellence (2014). Obesity: identification, assessment and management of overweight and obesity in children, young people and adults. UK: NICE.

Northern Health (2012). Position on health, weight and obesity. An integrated population health approach. Northern Health, Canada. 

O’Dea, J. A. (2005). Prevention of child obesity: ‘First, do no harm’. Health Education Research, 20, 259-265.

Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2000). Self-determination theory and the facilitation of intrinsic motivation, social development and well-being. American Psychologist, 55, 68-78.

WHO (2000).  Obesity, preventing and managing the global epidemic.  Report of a WHO consultation on obesity.  Genève: World Health Organization (WHO).

 

INDICATIESTELLING

Keuze van behandeling = ernst problematiek + draagkracht cliënt/omgeving + kennis rond goede zorgtoewijzing + wens cliënt (en ouders bij kinderen)

Bij inschatting van ernst van de problematiek houden we rekening met zowel de ernst van het eet/gewichtsprobleem als de ernst van de psychosociale ontregeling. Dit laatste heeft betrekking op de mate waarin het eet/gewichtsprobleem het sociale leven of de psychosociale ontwikkeling heeft verstoord en op de gevolgen van het eet/gewichtsprobleem voor het gezinssysteem, met name de mogelijke invloed op de draagkracht van het steunsysteem zeker bij kinderen en jongeren.

De beoordeling van de draagkracht van de cliënt houdt rekening met de biopsychosociale aspecten van het individueel welbevinden. Belangrijk daarbij is te letten op wat nog goed gaat en op de groeimogelijkheden van cliënt. Hoe jonger de cliënt hoe belangrijker de omgeving. Hier speelt dus ook de draagkracht van het gezin een cruciale rol. De mate waarin de directe omgeving bij de behandeling betrokken kan/moet worden hangt hiermee samen, maar evenzeer de afweging in hoever het gezin zelf geen ondersteuning nodig heeft.

Als principes van zorgtoewijzing bij eet- en gewichtsproblemen gelden:

  • continuiteit van zorg, met oog voor het ontwikkelingsperspectief (problemen „groeien‟ mee met de ouderdom);
  • multidisciplinair aanbod, met aandacht voor lichamelijke gezondheid, voeding en psychosociaal functioneren;
  • stapsgewijze aanpak op maat, met voorkeur voor de meest haalbare en meest betaalbare hulpverlening.

Algemeen wordt aangenomen dat ambulante behandeling vanuit de thuissituatie het meest aangewezen is. Een kliniekopname doorkruist onvermijdelijk het sociale leven (gezin, school, werk, sociale contacten). Anderzijds kan een opname aangewezen zijn voor drie doeleinden (al dan niet gecombineerd): observatie, crisisinterventie, intensieve behandeling.

Observatie:

  • lichamelijke factoren, als mogelijke oorzaken dan wel gevolgen van een eet/gewichtsprobleem, kunnen grondige medisch-technische onderzoeken in een kliniek vereisen;
  • een observatie van het eetgedrag en algemeen functioneren van kinderen en jongeren buiten de gangbare sociale omgeving kan nuttige informatie opleveren.

Crisisinterventie:

  • in geval van een zorgwekkende lichamelijke toestand, suïciderisico of ernstige zelfverwonding;
  • om een negatieve spiraal te doorbreken bij frequente eetbuien en braken, misbruik van alcohol of drugs, ernstig psychosociaal disfunctioneren;
  • bij escalerende conflicten in het gezin met gevolgen voor andere gezinsleden.

Intensieve behandeling:

  • bij langdurige of complexe problematiek (comorbiditeit);
  • bij falen van deskundige ambulante hulpverlening;
  • bij geringe draagkracht van cliënt en/of gebrekkig sociaal steunsysteem.

Voor observatie en crisisinterventie zijn meerdere settings mogelijk afhankelijk van de hoofdindicatie en leeftijd, bijv. internistische afdeling, PAAZ, kinderkliniek, opnameafdeling van algemeen psychiatrisch ziekenhuis. De intensieve behandeling hoort thuis op een afdeling die gespecialiseerd is in de aanpak van eet- en gewichtsproblemen.


(Bron: Eetexpert.be (2010). Herkenning en aanpak van eet- en gewichtsproblemen: Draaiboek voor het CGG. Brussel: Vlaamse Gemeenschap, Ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.)


MULTIDISCIPLINAIRE AANPAK

Behandeling in een multidisciplinair team is de 'gouden standaard' in de aanpak van eet- en gewichtsproblemen gezien de verwevenheid van de problematiek op verschillende domeinen. De meerwaarde van een multidisciplinair team zit in een combinatie van kennis, vakmanschap, onderlinge ondersteuning en gemeenschappelijke verantwoordelijkheid. In de praktijk gaat het om een samenwerking tussen een medicus (huisarts, kinderarts), een diëtist en een psycholoog (psychiater, orthopedagoog). Uiteraard moet elk ervaring hebben in de behandeling van eet- en gewichtproblemen. Voor een goede samenwerking moet men elkaar kennen en elkaars taken, bevoegdheden en werkzaamheden respecteren. Men moet zorgen voor een goede afstemming van de behandeldoelen en het behandelplan, wat betekent dat men bereid is informatie met elkaar uit te wisselen.

 Voor eet- en gewichtsproblemen moet de aanpak rekening houden met drie invalshoeken:

  • Medisch: Naast eventuele diagnostische problemen is medische opvolging nodig om de lichamelijke toestand te beoordelen en de urgentie van behandeling (eventueel noodzaak van opname in een kliniek) af te wegen. In elk geval moet steeds, ongeacht de ernst of duur van de eetstoornis, een medisch onderzoek voorafgaan aan gelijk welke vorm van behandeling, ook al kan deze laatste in handen zijn van een niet-medicus. 
  • Voedingskundig: Om gepast voedingsadvies aan de cliënt te kunnen aanbieden, is begeleiding door een diëtist aangewezen. Deze werkt aan herstel van een evenwichtig voedingspatroon en een gezond gewicht. Mits ervaring met eet- en gewichtsproblemen kan de diëtist ook een belangrijke rol spelen in het bewustwordingsproces en de motivering bij cliënten die hun problematiek minimaliseren.
  • Psychosociaal: Een eet- en gewichtsprobleem kan samenhangen met belangrijke psychosociale problemen: van een negatief zelfbeeld, een problematische emotieregulering tot gebrekkige sociale vaardigheden. Bij kinderen en jongeren is er bovendien een belangrijke wisselwerking met de directe omgeving (Bron: Eetexpert.be (2010). Herkenning en aanpak van eet- en gewichtsproblemen: Draaiboek voor het CGG. Brussel: Vlaamse Gemeenschap, Ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.)


WERKEN MET DOELSTELLINGEN

Gezien de complexiteit van de problematiek rond eet- en gewichtsproblemen, wordt tijdens de behandeling op verschillende thema's gefocust. Herstel van een normaal eetpatroon en/of gewicht is dus niet het enige behandeldoel maar er wordt ook aandacht besteed aan de functie van het (eet)gedrag in de bredere context van het biopsychosociaal functioneren. Los van de hier geselecteerde doelstellingen is het bovendien essentieel oog te hebben voor eventuele comorbiditeit (zoals misbruik van alcohol of drugs, stemmings-, angst- en persoonlijkheidsstoornissen). 

 
Lichamelijk functioneren

Fysieke gezondheid
Het is eigen aan eet- en gewichtsproblemen dat het lichamelijk functioneren in belangrijke mate verstoord kan zijn, zodat dit bijzondere aandacht vereist in het behandelplan. Dit vergt dus een goede somatische screening door huisarts of kinderarts. Hieruit kunnen gerichte doelstellingen voortkomen (bijv. correctie van elektrolytenstoornis ten gevolge van braken en/of laxeren) die samenhangen met een algemeen doel dat voor alle cliënten een rol speelt: herstel van een gezond gewicht en een evenwichtig eetpatroon.

Eetgedrag en eetstructuur
Een normalisering van eetgedrag en eetstructuur is essentieel bij cliënten met eet- en gewichtsproblemen. Velen ervaren geen normaal honger- of verzadigingsgevoel meer en het (niet) eten wordt vooral bepaald door emoties en gedachten in plaats van door gezonde behoeften van het lichaam. Doelstellingen richten zich op het stapsgewijs uitbouwen en handhaven van een goede eetstructuur. Hiertoe behoort uiteraard de directe aanpak van eetbuien, braken of laxeren.

Psychisch functioneren 

Copingvaardigheden
Vaak zien we dat (niet) eten functioneert als een manier om met een aantal problemen of moeilijke gevoelens om te gaan. Uitbreiden van het copingrepertoire met een aantal „gezondere‟ strategieën kan een belangrijke doelstelling worden. Bekend voorbeeld: leren assertiever te zijn in plaats agressief te reageren of directer gevoelens uiten in plaats via een omweg (lichaamstaal).

Zelfbeeld en zelfwaardering
Bij cliënten met een eet- of gewichtsprobleem blijkt vaak een laag zelfbeeld of gering eigenwaardegevoel voor te komen. Kenmerkend is dat hun stemming en zelfwaardering kunnen schommelen volgens het gewicht op de weegschaal. Doelstelling is dan het ontwikkelen van een positiever zelfbeeld en betere zelfwaarde. In het algemeen gaat het om de ontwikkeling van een realistischer (genuanceerder en positiever) beeld van de eigen persoon (identiteit, eigenwaarde) zoals dat ook weerspiegeld kan worden in het lichaamsbeeld.

Lichaamsbeleving en seksualiteit
De sterke fixatie op gewicht en uiterlijk wijzen vaak op een verstoord lichaamsbeeld of een negatieve lichaamsbeleving. Ook kan een eetstoornisgekoppeld zijn aan een problematische beleving van seksualiteit (bijv. volwassen vrouw worden). Dit kan enerzijds samenhangen met een algemeen negatief zelfbeeld of een op zichzelf staand thema zijn. De behandeling beoogt dan de ontwikkeling van een leeftijdsadequaat en positief beeld van seksualiteit. Dit kan betekenen dat negatieve seksuele ervaringen eerst verwerkt moeten worden.


Sociaal functioneren

Familiecontext
Een eet- of gewichtsprobleem bij kinderen of jongeren hangt onvermijdelijk samen met gezinsinvloeden, of die nu oorzaak zijn dan wel gevolg. Via het eetgedrag kan een cliënt zowel zorg vragen als protest uitdrukken. Vooral de ouders (of de partners bij volwassenen) reageren dan vaak uit onmacht met kwaadheid, betutteling, controleren of negeren. Dergelijke reactie maar ook een overbeschermende houding kan dan de problematiek verergeren. Het open en direct communiceren en het leren conflicten in het gezin oplossen worden dan belangrijke doelstellingen. Bij adolescenten moet het gezin een constructief klimaat creëren om het normale individuatie-separatieproces van de jongere toe te laten.

Vrienden en relaties
Veel cliënten met een eet- of gewichtsprobleem raken mettertijd sociaal geïsoleerd. Schaamte, gebrekkig zelfvertrouwen, pesterijen kunnen bijdragen tot een verder isolement en afbrokkelen van het steunnetwerk. De (her)opbouw van sociale contacten en de uitbreiding van sociale vaardigheden zijn dan kerndoelstellingen. Maar ook het durven aangaan van betekenisvolle en intieme relaties is een belangrijk aandachtspunt. Voor anderen gaat het eerder om het zich leren afgrenzen en de eigenheid bewaken in plaats zich te afhankelijk op te stellen.

Werk- en leefklimaat

Met werken wordt bedoeld elke vorm van zinvolle dagactiviteit, van studeren tot een vaste job. Sommigen verliezen zich hierin vanuit prestatiedrang of faalangst, anderen hebben er te weinig energie in geïnvesteerd en worden met een dagelijkse leegte geconfronteerd. Het eet- en gewichtsprobleem kan opnieuw oorzaak en gevolg zijn van dergelijke toestanden. Ook het uitbouwen van een voldoeninggevend vrijetijdsleven kan bijdragen tot verbetering van het zelfwaardegevoel en het uitbreiden van de contactenkring.

Werken met en aan doelen betekent ook prioriteiten stellen. Gezien herstel van een eet/gewichtsprobleem herstel op vele vlakken vraagt, kan men geconfronteerd worden met een stapel doelstellingen. Hierin moet planmatig geselecteerd worden. Een goed behandelplan oriënteert hierbij en plaatst die doelen centraal die belangrijke thema's zijn voor deze cliënt. Daarbij moet men ook voorrang geven aan dringende doelen of moet men ingrijpende veranderingen uitstellen tot de cliënt er klaar voor is. Bij de volgorde of timing van aanpak spelen o.a. volgende factoren een rol:

  • Zowel een sterk ondergewicht als ernstige obesitas kunnen de fysieke gezondheid in gevaar brengen; dit geldt ook voor frequent braken en laxeren. Dit moet voorrang krijgen in de planning van de behandeling.
  • Herstel van een evenwichtig eetpatroon is een voorwaarde voor herstel van het gewicht en mogelijke lichamelijke gevolgen.
  • Normalisering van het lichaamsgewicht betekent nog niet direct verbetering van de lichaamsbeleving en de zelfwaardering, maar deze zullen wel ondermijnd worden door sterke gewichtsafwijkingen.

(Bron: Eetexpert.be (2010). Herkenning en aanpak van eet- en gewichtsproblemen: Draaiboek voor het CGG. Brussel: Vlaamse Gemeenschap, Ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.)

 
WAT BETEKENT HERSTELLEN VAN EEN EETSTOORNIS ?

Lange tijd werd bij herstel van eetstoornissen alle aandacht gericht op herstel van het eetgedrag en het gewicht. Uit allerlei onderzoek blijkt echter dat dit slechts partieel herstel is, met een zeer groot risico op terugval. In haar boek 'Gids voor herstel van eetstoornissen' beschrijft Dr. Greta Noordenbos wat 'herstel' van een eetstoornis allemaal inhoudt:  

 

Herstel van het eetgedrag

  • verbetering van het eetgedrag

  • angst om te eten overwinnen

  • opvattingen over eten veranderen

  • drie maaltijden per dag eten

  • leren om op regelmatige tijden te eten

  • geen eetbuien meer

  • niet meer braken na een eetbui

  • leren wat voldoende hoeveelheden voedsel zijn

  • geen laxeermiddelen meer slikken

  • geen gebruik van diuretica

  • geen gebruik van slankheidsmiddelen

  • normale en gezonde hoeveelheden vocht

  • niet meer excessief bewegen

  • behandeling van comorbiditeit: automutilatie, depressie, angst en dwanghandelingen

Het verkrijgen van een positieve waardering van het lichaam

  • zich niet meer te dik voelen

  • weer contact hebben met het eigen lichaam

  • een positievere waardering van het lichaam krijgen

  • leren accepteren van het eigen uiterlijk

  • geen behoefte meer hebben aan extreem lijnen

  • niet meer geobsedeerd door voedsel en gewicht

Lichamelijk herstel

  • het gewicht is normaal en stabiel

  • herstel van hormoonproductie en menstruatie

  • de lichaamstemperatuur is normaal

  • de hartslag en de pols zijn normaal

  • geen verstopping en regelmatige ontlasting

  • geen darmstoornissen en maagklachten

  • geen opgezette speekselklieren en keelpijn

  • de huid is niet bleek, geel of uitgedroogd

  • het gebit is gezond

  • een normaal slaappatroon en een goede nachtrust

  • niet meer voortdurend moe en futloos

  • normale hartslag

  • osteoporose (botafbraak)

  • geen bloedarmoede

Psychisch herstel

  • zich beter kunnen concentreren en helderder denken

  • meer zelfvertrouwen krijgen

  • een sterker ik-gevoel ontwikkelen

  • beter voor jezelf leren opkomen

  • minder afhankelijk worden van de goedkeuring van anderen

  • minder bang worden voor afwijzing

  • niet meer voortdurend bezig zijn om anderen een plezier te doen

  • minder perfectionistisch worden en minder faalangst hebben

Emotionele verwikkelingen

  • niet meer depressief zijn

  • minder negatieve gevoelens over zichzelf hebben

  • contact hebben met eigen gevoelens

  • emoties kunnen herkennen en leren uiten

  • van mening durven verschillen en met conflicten omgaan

Herstel van contacten en relaties

  • opbouwen van een vertrouwensrelatie

  • deelnemen aan sociale activiteiten

  • weer een opleiding volgen of een baan hebben

  • het krijgen van intiemere vriendschappen en relaties

 Meer hierover lees je in het boek van Greta Noordenbos (2007). Gids voor herstel van eetstoornissen. Uitgeverij de Tijdstroom.


NIMH FACTSHEET EATING DISORDERS

Het National Institue of Mental Health heeft een brochure uitgegeven die de symptomen, oorzaken en behandeling van eetstoornissen beschrijft. Je kan deze downloaden op de volgende website:
http://www.nimh.nih.gov/health/publications/eating-disorders/complete-index.shtml


WERELDWIJD HANDVEST EETSTOORNISSEN

Dit handvest presenteert rechten en verwachtingen die mensen met een eetstoornis en hun naasten, ten aanzien van specialistische zorg op het gebied van eetstoornissen mogen hebben. Dit handvest is ontstaan uit een samenwerkingsverband tussen de Academy for Eating Disorders (AED) en andere professionele organisaties wereldwijd. 

Bekijk hier het handvest:
http://www.aedweb.org/downloads/Worldwide-Charter-Jul2008.pdf


BEHANDELING VAN ANOREXIA NERVOSA: ETHISCHE KWESTIES

Jacinta Tan en medwerkers van het Ethox Centre in Oxford werken al een tijdje rond ethische problemen bij de behandeling van anorexia nervosa. Een samenvattend rapport voor een breed publiek is te lezen op: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC2121578/



Share: